Taco Mesdagstraat 42


Lammert Weenink

Geboren: 3 mei 1897, Zutphen
Laatste adres: Taco Mesdagstraat 42, Groningen
Gearresteerd: 1 november 1944, Groningen
Vermoord: 4 februari 1945, Neuengamme

Lammert Weenink is het vijfde kind van Johan Weenink en Jenneken Buenk. Hij wordt op 3 mei 1897 in Zutphen geboren. Lammert heeft twee broers en twee zussen: Jan Willem (1886), Lammertdina Aleida Johanna (1888), Marinus Arnoldus (1892) en Johanna Tonia (1894).
Zijn vader is hoofdconducteur bij de spoorwegen.
In Zutphen gaan de kinderen Weenink naar goede scholen en volgen daarna beroepsonderwijs. Zo wordt Jan Willem na het volgen van de HBS en een carrière bij de Staatsspoorwegen uiteindelijk dominee. Lammertdina wordt onderwijzeres en Lammert die Louis wordt genoemd, wordt accountant.
Louis gaat in Groningen op het adres Aweg 15a wonen en vestigt in 1923 zijn accountantskantoor aan de Oude Weg 5a in Groningen.
Op 27 juni 1929 trouwt Louis met Wemelina Engelina Martha (Lien) Imelman , geboren op 3 juni 1898 in Groningen, dochter van Jan Imelman en Martje van Houten. Zij gaan wonen aan de Westersingel 8.
Op 13 mei 1931 wordt hun dochter Marthy Louise geboren.
Naast accountant is Louis ook leraar Middelbaar Beroepsonderwijs en actief bij de Vereeniging van Leeraren in de Handelswetenschappen. Hij is in ieder geval in 1929 en 1930 examenleider bij het Praktijkexamen Boekhouden en Handelscorrespondentie. Op 26 mei 1933 schrijft hij bij de Kamer van Koophandel het Accountantskantoor en Onderwijsinrichting L. Weenink N.V. in.

Er zijn kennelijk relatieproblemen, want Louis verhuist op 6 mei 1935 naar het adres Verlengde Visserstraat 11 en op 13 mei 1935 laat Wemelina zich met haar dochtertje en ouders inschrijven op Floresplein 14. Of het tot een officiële echtscheiding komt, valt niet goed na te gaan; in ieder geval wordt Lien Weenink-Imelman op het moment dat zij onder curatele wordt gesteld op 6 oktober 1970, de weduwe van Lammert Weenink genoemd.
Volgens de woningkaart laat Lammert Weenink zich alleen (zonder zijn vrouw en kind) op 1 mei 1936 inschrijven op Taco Mesdagstraat 42. Hij is hoofdbewoner van dit huis en verhuurt kamers aan studenten.
Op 5 oktober 1936 schrijft Cornelia Elisabeth (Nel) Crouwel (geboren 1 mei 1902 te Den Haag), van beroep kantoorbediende, zich in bij Lammert Weenink op Taco Mesdagstraat 42. In maart 1942 vertrekt de laatste student en blijven ze met z’n tweeën achter in het huis.
Naar later blijkt uit de systeemkaarten van het OVCG, maken beiden deel uit van een verzetsgroep, die zich inzet voor hulp aan Joden en studenten.
Zij worden beiden gearresteerd op 1 november 1944 en naar het Scholtenhuis afgevoerd. Op de systeemkaarten van beiden staan ze over en weer als contactpersoon vermeld.
Lammert Weenink (hij gebruikt de naam Louis als schuilnaam) wordt gearresteerd op grond van het ter beschikking stellen van een schrijfmachine aan een illegale organisatie. Op zijn systeemkaart staat verder dat hij zich schuldig heeft gemaakt aan jodenhulp (Landelijke Organisatie voor hulp aan Onderduikers) en studentenhulp. Op 16 januari 1945 wordt hij weggevoerd naar Duitsland. Daar wordt hij op 18 januari 1945 ingeschreven onder nummer 69658 (monument vriendenkring Neuengamme). Op 4 februari 1945 wordt hij in Neuengamme door ophanging om het leven gebracht samen met wethouder Feico Camphuis uit Eelde. Hij is herbegraven in Loenen.
Nel Crouwel wordt ook op 1 november 1944 gearresteerd (door Robert Wilhelm Lehnhoff, hoofd van de Sicherheitsdienst in Groningen) vanwege jodenhulp en (niet aanwezig) wapenbezit. Daarnaast heeft zij contact met de Joodse Raad en is koerierster. Zij verblijft 14 dagen in het Scholtenshuis, daarna enige tijd in het Huis van Bewaring en tenslotte enkele dagen in Westerbork. Nel is bevrijd door Canadezen op 14 april 1945 tijdens een mars van vrouwelijke gevangenen van Westerbork naar Visvliet. Ze overleeft de oorlog.